Data- en peoplemanagement (E06Z0A)

Uit WikiMedica
Ga naar: navigatie, zoeken


Algemeen

Aan het einde van dit opleidingsonderdeel kunnen de studenten…

actief participeren in de informatisering. De cursus moet hen in staat stellen beter te begrijpen waar de knelpunten van het informatiseringsproces liggen zowel op het gebied van hardware, software, datamanagement en implementatie en dit specifiek voor toepassingen in een medische context. Technologieën worden zoveel mogelijk productaspecifiek uitgelegd zodat de opgedane kennis universeel is niet te snel veroudert. Ruime aandacht gaat naar de uitbouw van een architectuur voor integratie en integratietechnieken voor informatiesystemen in een medische context.


Examenvorm

Type : Examen tijdens de examenperiode

Evaluatievorm : Mondeling

Vraagvormen : Open vragen

Leermateriaal : Geen

De student dient in paper-vorm een case te analyseren gebruik makende van de HR-concepten die doorheen de les gezien werden. Deze paper wordt mondeling gepresenteerd en verder verdiept via vragen door de docenten.

Bestanden

LEES EERST HIER HOE JE BESTANDEN MOET UPLOADEN! Je moet ook een account hebben.

(Klik hier om bestanden toe te voegen.)

Sjabloon:Data- en peoplemanagement (E06Z0A)/bestanden


Examenvragen

(Klik hier om examenvragen toe te voegen.)

Examenvragen januari 2015

1. Wat is een applicatie- en netwerkprotocol, waarvoor dient het? Geef (medische) voorbeelden. Wat is het verband met XML.

2. Bespreek pre en post coördinatie van SNOMED. Wat is polyhiërarchie?


1. Wat is een databasemanagement systeem? Waarvoor wordt het gebruikt?

2. Wat is een digitale handtekening? Hoe werkt het? Kan je een medische toepassing geven?


1. Bespreek expliciet en impliciete relaties in een medisch codeersysteem. Bespreek de eventuele voor- en nadelen.

2. Bespreek de verschillen tussen een expertsysteem en een neuronaal netwerk.

Examenvragen januari 2016

1. Wat is beeldtransformatie en segmentatie in de medische beeldvorming?

2. Trusted timestamping is nodig om een medisch voorschrift legaal op te stellen. Wat is TTS en hoe werkt het?

3. Wat is SNOMED. Geef de verschillen met ICD-9.

4. Leg uit primary en foreign key. Wat is een 1:n relatie? Geef een voorbeeld (tekening). Wat is een n:m relatie? Geef een voorbeeld (tekening).

5. Leg uit, ad hoc en centraal knooppunt. Geef de voor- en nadelen ervan. Daarbij moest ik ook de resultaten server uitleggen en linken aan de medische wereld (met voor en nadelen).

6. Bespreek deze afbeelding (die met definitional knowledge en contextual knowledge die bij de Cimino slides staat) en leg impliciete en expliciete relaties uit.

Examenvragen augustus 2015

1. Bespreek pre en post coördinatie van SNOMED, geef ook het verband met expliciete relaties en polyhiërarchie

2. Wat is een master-slave systeem + bespreek een medische toepassing.