Basisprincipes van humane voeding (E02Z4A)

Uit WikiMedica
Ga naar: navigatie, zoeken


Algemeen

De student zal op het einde van dit opleidingsonderdeel in staat zijn om:

- de basisprincipes van humane voeding en voedingsbehoeften voor een gezond(e) individu/populatie te beschrijven en verklaren

- de rol van voeding tijdens de levenscyclus en de relatie tussen voeding en gezondheid in te zien en toe te lichten


Examenvorm

Type : Partiële of permanente evaluatie met examen tijdens de examenperiode

Evaluatievorm : Schriftelijk, Paper/Werkstuk, Verslag, Presentatie

Vraagvormen : Meerkeuzevragen, Open vragen, Gesloten vragen

Leermateriaal : Geen

Het examen bestaat uit verschillende delen:

- Een schriftelijk examen (70% van de punten) met meerkeuzevragen, oefeningen, gesloten vragen. Bij de meerkeuzevragen zal gebruik worden gemaakt van giscorrectie.

- Een groepswerk (20% van de punten) waarbij de score is gebaseerd op procesevaluatie (20%) en op presentatie (80%)

- Een eindverslag van het individueel werk (10% van de punten)

Bestanden

LEES EERST HIER HOE JE BESTANDEN MOET UPLOADEN! Je moet ook een account hebben.

(Klik hier om bestanden toe te voegen.)

{Basisprincipes_van_humane_voeding_(E02Z4A)/bestanden}}


Examenvragen

(Klik hier om examenvragen toe te voegen.)


JANUARI 2015

1. Tien meerkeuzevragen telkens met vier keuzemogelijkheden:

● De waterinname gebeurt via?

● Welke suiker is het zoetst?

● Wat is een deprivatie studie?

● Waar vinden we transvetzuren terug?

● Welke vitamine heeft tryptofaan als precursor?

● ...


2. Vier juist/foutvragen:

● FM en AT zijn hetzelfde.

● Voor de metabolisatie van jood is selenium vereist.

● ...


3. Eén oefening

Voor de minor klinische: Ik weet niet of de prof iets gezegd heeft over een mogelijke

oefening?


4. Een zevental open vragen:

● Waarvoor staan ADI en TDI? Hoe worden ze bepaald? Kunnen ze voor elke nutriënt

bepaald worden?

● Geef de belangrijkste functies van de B-vitamines.

● Kinderen van een bepaalde streek blijken een te hoge inname van eiwitten te hebben, en

een te lage inname van ijzer. Hoe zou jij dit probleem aanpakken?

● Waarom zijn er methoden ontwikkeld om de kwaliteit van eiwitten te controleren?

● Geef de definitie van fortificatie. Waarmee moet men rekening houden bij de fortificatie

van voedingsmiddelen?

● Je wil een multicenter onderzoek voeren rond de lichaamssamenstelling van 60-plussers.

Daarbij wil je ook de vetverdeling weten. Welke methode zou je toepassen?

● Geef de 3 vormen van resistent zetmeel. Wat gebeurt er met dit zetmeel ter hoogte van

de darmen?


JANUARI 2016

1. 10 meerkeuzevragen


2. 1 oefening over energiemetabolisme (getallen voor CO2 productie en O2 verbruik va proteinen werden niet gegeven, was niet gezegd)


3. 4 stellingen

  • niacine is een essentieel vitamine (fout aangemaakt door het lichaam uit tryptofaan)
  • Non-communicable diseases zoals obesitas, diabetes,.. komen alleen voor in ontwikkelde landen (fout, dubble burden van malnutritie, zowel ondervoeding en
  • infecties als obestias en ncd in ontwikkelingslanden)
  • essentiële en niet-essentiële vetzuren bestaan zowel in ons lichaam als in de voeding ofzoiets???


4. Enkele grote vragen:

  • Hoe zou je het energieverbruik van een 19-jarige student tijdens de examenperiode meten + leg deze methode uit
  • Geef de stikstofbalans
  • Geef 3 voorbeelden van interacties van micronutrienten