Kwaliteitsmanagement voor biomedische laboratoria (E01P8A)

Uit WikiMedica
Ga naar: navigatie, zoeken


Algemeen

De student bewust maken van de impact van het belang van kwaliteitsbewaking en kwaliteitsmanagement in biomedische laboratoria en dit aan de hand van praktijk voorbeelden van inadequate beslissingen en procedures in het medisch-farmaceutisch handelen. De student ertoe brengen het begrip “kwaliteit”, in absolute en relatieve termen, correct te kaderen in een biomedisch laboratorium en de maatschappij. De student vertrouwd maken met de belangrijkste internationale normen en modellen met betrekking tot kwaliteitsbeheersing, en met het begrip “accreditatie”. De student inleiden tot procedures en technieken die toelaten om de kwaliteit van het professionele handelen, ongeacht de werksituatie, te organiseren, op te volgen en bij te sturen waar nodig. De student wijzen op de voortdurende evolutie in het domein van integrale kwaliteitszorg, en in contact brengen met meerdere bronnen (literatuur en Internet) die toelaten die evolutie op te volgen.


Examenvorm

Paper: De paper bestaat uit een verslag dat wordt opgemaakt na het bezoeken van een laboratorium en de bevraging daar. Indien een student dit niet kan uitvoeren (gewettigde afwezigheid) wordt er een extra examenvraag gesteld op het examen. Examen: Het examen bestaat uit een aantal vragen waarvan 1 vraag betrekking heeft op de paper. Het examen is mondeling met schriftelijke voorbereiding.

Bestanden

LEES EERST HIER HOE JE BESTANDEN MOET UPLOADEN! Je moet ook een account hebben.

(Klik hier om bestanden toe te voegen.)

 


Examenvragen

(Klik hier om examenvragen toe te voegen.)

Examenvragen '12-'13

1.Leg uit (max 10 regels)

  • BELAC
  • Verschil tussen certificatie en accreditatie
  • Verschil staffunctie en lijnfunctie
  • Kwaliteitskosten van Juran

2. Wat is je het meest blijgebleven van het labo-bezoek. Leg hiervan een begrip uit en hoe het in de praktijk tewerk ging daar.

3. Je bent kwaliteitsfunctionaris in een labo hematologie die vooral bepalingen doet van concentratie van hemoglobine, erythrocyten, leukocyten, thrombocyten, ... Er wordt je gevraagd een kwaliteitssysteem te implementeren. Hoe ga je te werk? Stel een planning op en leg uit.

4. Je krijgt een vacature (bij ons was dat CQA Auditor). Neem hier 1 begrip uit zodat ik weet dat je het snapt en pas dit toe op deze vacature.


Examenvragen '18-'19

1. Leg kort uit en geef waar nodig een voorbeeld: - SOP - EQA (externe kwaliteitscontrole) - GMP

2. ISO norm: leg uit. Wat betekent note?

3. Verzin zelf een fout van het systeem en hoe je dit zou oplossen.

4. Er is een tekstje gegeven, haal er zelf 2 begrippen die gezien zijn in de les uit en leg ze uit.

Examenvragen 2016

1. Begrippen: Cooperatieve audit, GLP en documentbeheer

2. Implementeren kwaliteitssysteem voor onderzoek humane stalen volgens ISO 15189. Het labo wil ook 2 nieuwe testen introduceren voor dierenartsen, is hier een apart kwaliteitssysteem voor nodig?

3. Stukje van een norm gegeven: uitleggen. + hoe wordt ‘shall’ in een norm geïnterpreteerd?

4. Vacature waaruit je 2 begrippen kiest. Begrippen uitleggen en zo aantonen dat je begrijpt wat deze job inhoudt.

Examenvragen januari 2014

1. begrippen: ICH, SOP, GMP, geaccrediteerd labo + voordelen accreditatie

2. kwaliteitssysteem opstellen voor klinisch labo dat vaderschapstesten en drugsscreening doet

3. Stukje van ISOnorm gegeven -> uitleggen

4. stukje tekst gegeven -> 2 begrippen kiezen en uitleggen zodat je laat zien dat je de tekst begrijpt

5. ISO 9001, ISO 17025 uitleggen